Achter de schermen bij M: de museumgidsen
ACHTER DE SCHERMEN BIJ M
de museumgidsen
Met zestien zijn ze, de museumgidsen van M. Geen vrijwilligers, maar op-en-top professionals die soms verschillende keren per dag bezoekers rondleiden. Zoals Els Bloemmen en Maïteh Magnus: twee gidsen met samen meer dan twintig jaar ervaring op de teller.
Het mooiste compliment is als bezoekers vragen: oei, is het al gedaan?
Els Bloemmen
“Ik ben begonnen in 2005, toen het hier nog Stedelijk Museum Vander Kelen-Mertens heette. Ik had een advertentie gezien in de Streekkrant – achteraf heb ik ze uitgeknipt en bewaard (lacht). Ik heb gesolliciteerd, en ik kon beginnen.”
“Kort daarna is het museum een paar jaar dichtgegaan om verbouwd te worden tot het M dat we nu kennen. Ik heb in die tijd een gidsenopleiding gevolgd, en toen het museum in 2009 weer openging heb ik de draad opgepikt. Ik gids ook in andere musea, en zo kom ik aan een goedgevulde agenda. Al was het met corona toch wel lastig.”
Maïteh Magnus
“Ik ben deeltijds gids – ik geef ook nog creatieve workshops. Tot vijf jaar geleden stond ik voor de klas: ik gaf les aan anderstaligen. Via een collega kwam ik in contact met M, waar ze toen net een aanbod voor anderstaligen wilden ontwikkelen. Ze konden me goed gebruiken, zo bleek. Intussen geef ik nog altijd rondleidingen aan anderstaligen, maar ook aan alle andere doelgroepen: culturele verenigingen, scholen, families...”
Twee weken studeren
Els: “Gemiddeld geven we een paar rondleidingen per week. Er zijn verschillende formules: een tijdelijke tentoonstelling, de hoogtepunten van de vaste collectie, een mix van de twee... Een rondleiding duurt gemiddeld anderhalf uur, maar voor ons komt daar natuurlijk nog een hoop voorbereiding bovenop.”
Maïteh: “Bij elke nieuwe tentoonstelling krijgen we op voorhand een rondleiding van de curator en de kunstenaar. Die wordt opgenomen, zodat je ze achteraf nog eens rustig kan bekijken. We krijgen ook readers voor doelgroepen: kinderen, scholen... Voor korte presentaties voor volwassenen is er geen reader, maar M bezorgt ons alle info die we nodig hebben. En we pikken ook dingen op uit het magazine (lacht).”
Els: “Voor een nieuwe tentoonstelling begin ik twee weken op voorhand te studeren – niet voltijds, maar toch behoorlijk intensief. Ik schrijf ook al mijn rondleidingen uit.”
Maïteh: “We mogen onze gidsbeurten op onze eigen manier invullen. Ik focus altijd op de werken die me zelf het meest aanspreken. Daarover kan je met de meeste bezieling praten. Da’s ook fijner voor de bezoekers.”
Op zoek naar de opening
Els: “Als gids ben je het koppelteken tussen het kunstwerk en de bezoeker. Ik zoek altijd een aanknopingspunt - een opening in het werk waardoor de bezoeker als het ware naar binnen kan kijken. Dat kan een kleur zijn, een voorwerp, een verhaal, een actuele link...”
“Ik gids heel graag voor NT2’ers, anderstalige nieuwkomers die Nederlands volgen. Voor hen is de drempel naar het museum hoog, en ik ben blij dat ik die kan helpen verlagen. Ze kijken vaak ook met een andere, niet-westerse bril naar kunst. In de tentoonstelling van Wael Shawky was er een werk waarvoor de kunstenaar zich gebaseerd had op een Perzische miniatuur. Daarop zie je een groepje mannen in een kring zitten. Een bezoeker van Koerdische afkomst zag dat en zei: ‘Dat is mijn dorp.’ Dat maakt zo’n werk meteen een heel stuk persoonlijker.”
Maïteh: “Een gids moet veel méér doen dan kennis overdragen. Daar vragen mensen ook minder naar dan vroeger, is mijn indruk.”
“Ik heb geen gidsenopleiding gevolgd, en ik heb ook geen kunstgeschiedenis gedaan. In het begin was ik soms bang om door de mand te vallen, maar nu denk ik: ik kan mensen alleen maar vertellen hoe ik naar deze tentoonstelling kijk. En als ze me een vraag stellen waarop ik het antwoord niet ken, dan zeg ik dat gewoon. Een grote expo telt gemiddeld wel honderd stukken: je kan onmogelijk over elk stuk alles weten.”
“Maar soms is het toch even schrikken. Ik weet nog dat ze me gevraagd hadden om een vierde leerjaar te gidsen, maar op het moment zelf bleek dat het ging om een vierde middelbaar. Daar stond ik met mijn opdrachtjes en kleurpotloden (lacht).”
Utopia is hier
Els: “Ik gids het liefst hedendaagse kunst, of een mix van oud en nieuw. Maar tegen een grote klassieke expo met echte topstukken zeg ik zeker niet nee.”
“De allermooiste tentoonstelling vond ik ‘Op zoek naar Utopia’, in 2016-17. Ook omdat de bezoekers zo enthousiast waren. Eentje zei zelfs tegen me: ‘Mevrouw, utopia, dat is hier! Deze tentoonstelling is het mooiste wat ik ooit gezien heb!’”
Maïteh: “Ik probeer altijd te kijken wat de bezoekers aanspreekt en daarop verder te bouwen. Meestal stel ik eerst de kunstenaar voor, en dan laat ik de bezoekers, zeg maar, los. Ik luister naar hun reacties, en daar pik ik vervolgens op in. Ik heb ooit gewerkt met kaartjes met een trefwoord, die ik bij het begin van de rondleiding uitdeelde. Als de bezoekers vonden dat het trefwoord van toepassing was op een werk, dan gingen we daar wat dieper op in. Dat werkte goed. Ik moet er dringend opnieuw mee beginnen (lacht).”
Door het pantser
Els: “De reacties zijn eigenlijk altijd goed. Alleen ben ik soms zelf niet helemaal tevreden. Af en toe dring je moeilijk door tot een groep. Dan sta je daar anderhalf uur te babbelen zonder veel reactie – behoorlijk vermoeiend. Gidsen is geen eenrichtingsverkeer. Wij zijn geen wandelende audiogidsen.”
Maïteh: “Ik had eens een middelbareschoolklas. Op het eind vroeg ik iedereen om het bezoek aan M in één woord te omschrijven. Antwoordde de leerkracht toch wel met ‘bezigheidstherapie’! Dat vond ik erg. Niet dat ik me persoonlijk aangevallen voelde, maar ik vroeg me wel af: welke boodschap geef je aan je leerlingen als je een museumbezoek kennelijk een verplicht nummertje vindt?”
Els: “Ik doe dat eigenlijk graag, schoolgroepen. Lagereschoolkinderen zijn altijd enthousiast, middelbare scholieren soms iets minder. Die trekken wel eens een muur op waar je doorheen moet. Maar ik blijf ze prikkelen en uitdagen tot ik hun aandacht vastheb. Het mooiste compliment is als ze op het eind zeggen: ‘Oei, is het al gedaan?’”
Maïteh: “We zijn sowieso flexibel: als bezoekers aangeven dat ze even in een andere tentoonstelling willen binnenwippen, dan maken we daar geen probleem van. Elke rondleiding is anders.”
Els: “En af en toe is er eentje die je lang bijblijft. Niet zo lang geleden had ik een gidsbeurt voor amper drie mensen: een ouder koppel en hun dochter. De mama had vroeger alle grote tentoonstellingen in M bezocht, maar na een hersenbloeding zat ze in een rolstoel. Toch wilde ze absoluut ‘Verbeelding van het universum’ zien, en daarom had haar dochter voor haar en haar man die rondleiding geboekt. Ze vond het prachtig. Heel aangrijpend was dat, bijna een eer om te mogen doen. Op zo’n moment ben ik trots dat ik gids ben.”